Componist Emily Wells en liefde in tijden van Aids

Het album Regards to the End van de klassiek geschoolde Amerikaanse violist, zanger, componist, producer en videokunstenaar Emily Wells werd opgenomen in 2020-21, het eerste Covid-19 pandemie-jaar. De muziek kent onmiskenbaar etherische momenten, maar valt vooral op door de hartstochtelijkheid van het inlevingsvermogen en de alleszins gerechtvaardigde woede.

Het zijn niet de lichtste onderwerpen die Emily Wells aansnijdt. De componist koppelt de Aids-crisis aan klimaatverandering en communiceert op geheel eigen wijze een reeks ervaringen, die Wells als queer-muzikant heeft, met hel en verdoemenis predikers in de wereld.

Samen met een groot aantal mede-muzikanten, waaronder hoornist vader Wells, bouwde Emily Wells Regards to the End op uit wel overdachte, heel precies geplaatste, muzikale lagen van zang, synthesizers, drums, piano, snaarinstrumenten (viool, cello, bas) en blaasinstrumenten (klarinet, fluit, hoorn). De impact van de muziek manifesteert zich op vele niveaus, en doet op meerdere manieren tegelijkertijd een sterk beroep op de luisteraar.

Aids-crisis

De Covid-19 pandemie is voorbij, zo leeft een meerderheid van de bevolking in de westerse landen de huidige situatie van losgelaten corona-maatregelen. Daarmee wordt gemakshalve voorbijgegaan aan het feit dat grote groepen van de wereldbevolking (en Covid-19 is een wereldomspannende pandemie) tot op de dag van vandaag zelfs nog niet een eerste vaccinatie tegen het virus heeft ontvangen. Dat westerse “Me, Myself & I”-denken is niet nieuw. Zo is Aids, veroorzaakt door een human immunodeficiency virus (hiv), hier door medicatie inmiddels een chronische ziekte, maar stijgt in sommige regio’s elders in de wereld het aantal infecties de laatste jaren weer fors. Cijfers van het Aids-fonds laten zien dat in Sub-Sahara Afrika een op vier nieuwe hiv-infecties plaats vindt onder jonge vrouwen tussen 15 en 24 jaar en dat zij twee keer zoveel kans op een hiv-infectie hebben dan mannen van die leeftijd. In 2020 waren er wereldwijd maar liefst 15,4 miljoen Aidswezen (kinderen tot 17 jaar). Wat hier een aandoening is geworden waar je oud mee kunt worden, veroorzaakt elders nog steeds een crisis, een Aid-scrisis.

Emily Wells

Ik herinner mij hoe de de Grieks-Amerikaanse performster Diamanda Galás in 1988 stegen de Aids-hysterie streed met haar Masque Of The Red Death-trilogie. Ze ging fel tekeer tegen de hypocrisie en de heksenjachten in Amerika, gevolgen van de toenemende angst voor de virusziekte Aids, en weigerde te praten over ‘Aids-slachtoffers’ maar had het over haar ‘broers en zussen met Aids’.

Een dergelijke benadering maar dan zachter, is ook te vinden op Regards To The End van Emily Wells. Diamanda Galás gebruikte haar woede om met alle energie waarover zij beschikte te vechten. Emily Wells zet op Regards to the End haar woede om in een intieme omhelzing van al die collega’s, choreografen en beeldend kunstenaars, en hun geliefden, die er vaak niet meer zijn.

Zoals de in Cuba geboren Amerikaanse Felix Gonzalez-Torres (1957-1996), bekend om zijn minimale sculpturen waarin hij materialen gebruikte als gloeilampen, klokken, stapels papier of verpakte snoepjes. Hij maakte ook delicate installaties opgedragen aan zijn geliefde, die stierf aan Aids-gerelateerde complicaties. Andere namen zijn Jenny Holzer (b. 1950), een Amerikaanse beeldhouwer en conceptuele kunstenaar die een bijdrage leverde aan het New York City Aids Memorial en Kiki Smith (1954), een in West-Duitsland geboren Amerikaanse kunstenaar die met haar figuratieve werk van de late jaren tachtig en vroege jaren negentig het publiek confronteerde met onderwerpen als Aids en gender en een zus verloor aan Aids.

“Come on Kiki, don’t untie me. Can you see me, see me, if you send a search party?”, horen we Emily Wells in het klaaglijke Come On Kiki. In de muzikale omlijsting lijken echo’s te weerklinken van Europese, meer specifiek Franse elektropop, een karakteristiek die eveneens van toepassing is op het eerder uitgebrachte single-nummer Two Dogs Thetered Inside: “Let me run like I did that day, when I knew the love of my own body.”

De dromerige foto op de albumhoes (die alleen al is een aanschaf op vinyl waard) is getiteld The Piers (exterior with person sunbathing) en is van de in Bronx geboren fotograaf Alvin Baltrop (1948-2004). Die legde in de jaren zeventig en tachtig, voorafgaande aan de Aids-crisis, met zijn camera de schoonheid vast van Manhattan’s bouwvallige West Side-pieren aan de rivier de Hudson, een homo-cruiseplaats.

Kompas

Er is op Regards To The End een belangrijke kompasrol (Waar gaan we heen?) weggelegd voor David Wojnarowicz (1954-1992). Deze East Village-kunstenaar, schrijver en gepassioneerde Aids-activist, die in zijn werk zijn pijlen richtte op de (letterlijk) dodelijk afwachtende houding van de overheid met betrekking tot Aids, maakte ook korte tijd deel uit van de experimentele postpunkband 3 Teens Kill 4. David Wojnarowicz had de opvallende gewoonte, als hij met zijn onrustige ziel onder zijn arm over de pieren en langs de rivier dwaalde, om op die plekken zaden te strooien, in de hoop dat er gras op de kale plekken zou groeien. “Throw a little grass out, then go lie among the weeds,” zingt Emily Wells in David’s Got a Problem. Het is een prachtig, sfeervol, met voornamelijk piano begeleide ode aan het verlangen naar leven, zoals eigenlijk elk nummer op Regards To The End, ondanks de woede, ondanks de frustratie. David’s Got a Problem beschrijft in heldere bewoordingen de eenvoudige, stille handeling van het strooien van zaden tegen verwaarlozing, tegen vooroordelen, en de hoop van de zaaier dat er misschien leven uit ontspruit. David Wojnarowicz wordt op Regards To The End maar liefst drie keer genoemd, naast David’s Got a Problem ook in het eerder genoemde Come On Kiki en in de afsluiter Blood Brother.

Some kind of violence you touch
Some kind of violence you turn away from it
Some kind of violence you trust
Some kind of violence you need to be done for you to stay up
Some kind of violence you feel in the body, my body, my body
Do it in remembrance of me
(…)
My Blood, my blood, my blood brother

Generale repetitie

De Aids-crisis en de klimaatcrisis verschillen in veel opzichten totaal van elkaar. Toch hebben ze iets belangrijks gemeen, betoogt Emily Wells, en dat is de behandeling van mens en milieu als wegwerpartikelen, terwijl we weten dat we niet zonder kunnen.

Emily Wells

Zoals gezegd is Regards to the End opgenomen in het eerste Covid-19 pandemie-jaar. Emily Wells refereert aan die periode en de dagelijkse boswandelingen die zij maakte, in het galmende, wat trieste The Dress Rehearsal. Het is opgedragen aan de Amerikaanse kunstenaar Nayland Blake (1960). Diens mixed-media werk, zowel brutaal als teder genoemd, richt zich op interraciale aantrekkingskracht, liefde voor hetzelfde geslacht en de intolerantie en vooroordelen die dat oproept. De titel The Dress Rehearsal verwijst naar het idee van de pandemie als een generale repetitie voor de verschrikkingen die klimaatverandering gaat brengen, als mensen niet willen begrijpen, niet willen zien dat de natuur een plek is waar liefde “diep geworteld” is.

Er is boosheid in haar stem, maar ook rouwbeklag: “Where nothing is still, love happened here.”

Rouw, droefheid, er klinkt smartelijk huilen in Arnie And Bill To The Rescue, een eerbetoon aan Bill T. Jones (1952) en Arnie Zane (1948-1988), partners in kunst en liefde. Zij richtten in1983 het legendarische avant-garde dansgezelschap Bill T. Jones/Arnie Zane Dance Company op. Emily Wells neemt de luisteraar mee naar de nacht van maart 30 december 1988, toen Zane stierf aan Aids-gerelateerd lymfoom – vanwege de stigma’s en angsten rond de ziekte, wilden de dokters in het ziekenhuis hem niet aanraken. Bill T. Jones schrijft in zijn memoires Last Night on Earth uit 1995: “When I am in pain, I must know that beauty has always been and always will be. This is as close to eternity as I need to be.” “Arnie and Bill, Arnie and Bill, to the rescue.” Emily Wells herhaalt die woorden, steeds weer, langzaam, tot het einde daar is. Zelden klonk liefde zo mooi, zo intens. Dat geldt voor heel het album. Regards to the End is in al zijn radicaliteit, hoe je het ook wendt of keert, en er is boosheid, er is verontwaardiging, een waar liefdesalbum. Regards to the End laat horen dat echte liefde, wil zij leven verbinden, radicaal moet zijn. Emily Wells kruipt je op Regards To The End met die liefde, die radicale liefde, onder de huid.

Emily Wells – Regards To The End
This is menu | Konkurrent