Uit het oude verrijst in toenemend tempo iets nieuws. Ons fysieke bestaan wordt daarbij steeds sterker aangevuld met digitale tegenhangers, waarin het uiteindelijk zelfs dreigt los te raken. Tegelijkertijd ontvouwt zich in de kunsten een spirituele kracht die naar een gedeelde toekomst wijst, voorbij tegenstellingen van traditie en experiment, concertzaal en alternatieve locatie, elitair en inclusief, kennerskunst en brede toegankelijkheid, esthetiek en boodschap.
Voorbeelden van bovengenoemde stelling zijn regelmatig te zien en te ervaren in de Tilburgse musea De Pont en het TextielMuseum, inclusief het TextielLab. Beide behoren tot de crème de la crème van de Nederlandse museumwereld, niet alleen vanwege hun aanbod en prettig toegankelijke architectuur, maar vooral ook vanwege de structureel in praktijk gebrachte, levende interactie tussen kunst, makers en de actualiteit van de wereld.
AI in theater van het leven

In De Pont is nog tot en met 31 augustus THEATERS OF LIFE van de Japanse kunstenaar Meiro Koizumi (1976) te zien – zijn eerste grote solotentoonstelling in Nederland.
Koizumi geldt als een van de belangrijkste hedendaagse kunstenaars uit Japan. Zijn werk onderzoekt thema’s als nationalisme, macht en collectief geheugen, en bevraagt de plaats van het lichaam in een steeds virtuelere, technologisch gedreven wereld. Innovaties als AI en biotechnologie maken de kernvraag urgent: wat betekenen leven, individualiteit en identiteit nog?
De tentoonstelling biedt een breed overzicht van zijn veelzijdige praktijk – van monumentale video-installaties en tekeningen tot VR- en AI-projecten. Ook toont Koizumi nieuwe sculpturen, waaronder de reeks Altars, waarin de spanning tussen mens en technologie voelbaar wordt.
Internationaal is hij vooral bekend om zijn indringende videokunstinstallaties. Met nagespeelde scènes onderzoekt hij daarin sociale en politieke thema’s. Een voorbeeld is The Angels of Testimony (2019), waarin een voormalig Japanse soldaat terugblikt op zijn daden in de oorlog met China. Het werk verenigt persoonlijke en collectieve pijn en laat zien hoe onverwerkte schuldgevoelens en schaamte generaties lang doorwerken.
Een bijzonder fascinerend werk is het recente Soluble Meat (2025). Dit videowerk maakt gebruik van AI-gegenereerde beelden en behandelt thema’s rond lichaam, identiteit en vergankelijkheid. Meiro Koizumi voerde herhaaldelijk dezelfde opdracht in bij het AI-programma Luna Dream Machine, nadat hij het eerst had gevoed met oude zwart-witfoto’s van hypnosesessies: Maak een droevige film over mensen die hun autonomie verliezen.” De titel Soluble Meat verwijst symbolisch naar het menselijk lichaam en de veranderbaarheid ervan, meer specifiek naar het verlies van de vrije wil als drijvende kracht van dat lichaam. Het resultaat is een doorlopende, verwarrende droom waarop een eveneens door AI gegenereerde voice-over, met een droge, William Burroughs-achtige intonatie, commentaar levert op basis van deze beelden.
In Koizumi’s reconstructies vloeien feiten, herinneringen en verbeelding vaak samen. Dat geldt zeker ook voor de ruimtelijke installatie Theater of Life (2023), waarin jongeren uit voormalige Sovjetrepublieken aan de hand van oude foto’s theaterscènes naspelen en al doende hun afkomst onderzoeken. Overlappende, transparante beelden benadrukken dat er nooit één enkel verhaal bestaat, maar altijd meerdere perspectieven.
Mysterie en sjamanisme

In het TextielMuseum loopt nog tot en met komend weekeinde Magdalena Abakanowicz – Everything is made of fiber. Deze tentoonstelling maakt deel uit van een groot eerbetoon aan de Poolse kunstenares dat het museum samen met Het Noordbrabants Museum in Den Bosch en het provinciehuis Noord-Brabant organiseert.
Magdalena Abakanowicz (1930 – 2017) verwierf internationale faam in de jaren zestig en zeventig dankzij haar monumentale textiele sculpturen, de zogenoemde Abakans. Met natuurlijke materialen als sisal en wol creëerde ze organische, sculpturale vormen die deden denken aan huid, weefsel en organen. Daarmee vernieuwde ze radicaal het begrip textielkunst en verwierf zij een autonome plek in de beeldende kunst. Haar werk onderzoekt de relatie tussen mens, natuur en kwetsbaarheid, en sluit aan bij actuele maatschappelijke thema’s.
Genoemde thema’s kwamen invoelbaar samen in de tentoonstellingszalen van het TextielMuseum. De daar in het halfduister opgestelde, indrukwekkende Abakans riepen een wereld op van mysterie en sjamanisme, een onaangetast, door oerwezens bevolkt, bos dat ons aanroept en maant tot kalmte en vrede en waarin onenigheid en oproer worden gevolgd door verandering.
Magdalena Abakanowicz maakte haar grootste werk in 1971: het monumentale kunstwerk Bois le Duc voor het provinciehuis van Noord-Brabant in ’s-Hertogenbosch. Het bestaat uit 19 geweven textielbanen, elk ruim 7 meter hoog, en samen meer dan 22 meter breed. Speciaal ontworpen voor de grote zaal van het provinciehuis, toont het op krachtige wijze haar vernieuwende visie op textielkunst.
Vanaf de jaren zeventig ontwikkelde Abakanowicz figuratieve werken, zoals de serie Backs (1976-1980), waarin anonieme menselijke figuren universeel lijden en oorlogstrauma verbeelden.
Magdalena Abakanowicz zorgde er persoonlijk voor dat textiel niet langer als toegepaste kunstvorm, maar als zelfstandige kunst werd gezien. Ze inspireert kunstenaars tot op de dag van vandaag, zoals onder meer blijkt uit een (aanbevelenswaardig) bezoek aan het TextielLab, de professionele werkplaats in het TextielMuseum.
De drie instellingen bundelden afgelopen voorjaar hun krachten om haar veelzijdige en invloedrijke oeuvre opnieuw onder de aandacht te brengen, met daarbij een bijzondere focus op haar monumentale kunstwerk in het Brabantse provinciehuis, als schakel tussen de tentoonstellingen in het TextielMuseum en Het Noordbrabants Museum.
Museum De Pont, Wilhelminapark 1 Tilburg
TextielMuseum, Goirkestraat 96 Tilburg