“Om te overleven, moet je verhalen vertellen” (Umberto Eco, schrijver, 1932-2016)
Met muziek verhalen vertellen gaat terug tot de vroegste beschavingen en speelde een belangrijke rol in de overdracht van cultuur en kennis.
Ook in latere eeuwen zijn muziek en verhalen nauw met elkaar verweven. Componisten en individuele artiesten verwerken vaak persoonlijke ervaringen, maatschappelijke thema’s en fictieve verhalen in hun muziek en liederen.
Als ik niet weet welke muziek ik wil luisteren, doe ik vaak een beroep op Franz Schubert (1797–1828), vanwege de schoonheid van zijn muziek en zijn talent als verhalenverteller. Hij was een meesterverteller die verhalen en emoties op briljante wijze naar muziek vertaalde, vooral in zijn liederen. Hij schreef er meer dan 600, waaronder het aangrijpende ‘Erlkönig’, dat is gebaseerd op het gedicht met dezelfde titel van Johann Wolfgang von Goethe (1749-1832) uit 1782. Zeventien of achttien jaar oud was hij toen hij in 1815 dit doorgecomponeerde lied presenteerde, met slechts één zanger en een piano. Het vertelt het verhaal van een vader die te paard door een donker, nachtelijk bos ijlt met zijn zieke zoon in zijn armen, achtervolgd door visioenen van de Erlkönig (Elfenkoning), symbool van de dood:
Dem Vater grauset’s, er reitet geschwind,
Er hält in Armen das ächzende Kind,
Erreicht den Hof mit Müh’ und Not;
In seinen Armen das Kind war tot.
Franz Schubert was een belezen man. Hij putte voor een groot deel uit bestaande gedichten en literaire werken voor zijn verhalen. Zo is zijn beroemde liederencyclus ‘Winterreise’ gebaseerd op gedichten van de Duitse romantische dichter Wilhelm Müller (1794–1827). Daarnaast gebruikte hij ook persoonlijke levenservaringen en emoties in zijn muziek.
Licht en Schaduw
Zoals gezegd, verrijk ik mijn dagen graag met Schuberts liederen. De Duitse bariton Samuel Hasselhorn beschikt over alles wat daarvoor nodig is: een krachtige en warme stem, virtuoze techniek, en een combinatie van creativiteit en originaliteit. In zijn presentatie getuigt hij bovendien van een diepe inleving in de verhalende opbouw van de liederen.
Franz Schubert schreef in de laatste vijf jaar van zijn leven (1823-1828) een groot aantal liederen, waaronder enkele van zijn meest opmerkelijke werken. Tweehonderd jaar later eert Samuel Hasselhorn hem met een serie opnamen onder de naam ‘Schubert 200’. Tussen 2023 en 2028 brengt de zanger elk jaar een opname uit met liederen van de componist die dan tweehonderd jaar oud zijn. Hij wordt hierbij begeleid door de Israëlisch-Zuid-Afrikaanse pianist Ammiel Bushaekvitz, die bekendstaat om zijn verbluffende techniek, diep muzikaal inzicht en liefde voor het liedrepertoire, met name uit de romantische periode.
In september 2023 verscheen het eerste deel, ‘Die schöne Müllerin’, een cyclus naar een tekst van Wilhelm Müller over een gedoemde liefde. Recent werd deel twee uitgebracht: ‘Licht und Schatten’. Dit album bevat werken uit de jaren 1824-1825 en begint met de diepe emoties van ‘Die junge Nonne’ – tekst van Jakob Nikolaus Craigher de Jachelutta (1797-1855) – en eindigt met de gelukzalige glimlach van ‘Wiedersehn’, gebaseerd op een gedicht van August Wilhelm von Schlegel (1767-1845).
In totaal telt ‘Licht und Schatten’ achttien stukken: veertien liederen en vier instrumentale werken. De laatste zijn dansen die Schubert componeerde voor piano, hier door Ammiel Bushaekvitz sierlijk in het licht gebracht, als een balletdanser die de zwaartekracht tart.
De basis van ‘Licht und Schatten’ is poëzie, eerst in de teksten en vervolgens in de muziek. Maar ook de interpretaties door Samuel Hasselhorn en Ammiel Bushaekvitz ademen, naast muzikale vitaliteit, pure poëzie. Samen bieden ze een adembenemende inkijk in het leven in al zijn boeiende veelzijdigheid. Kom maar op!
Franz Schubert 200: Licht und Schatten
Samuel Hasselhorn (bariton), Ammiel Bushakevitz (piano)
Harmonia Mundi, CD
Kapitein Nemo’s Bibliotheek
Evenals het vertellen van verhalen waren bibliotheken in de oudheid belangrijke centra van kennis en cultuur. Antieke bibliotheken speelden een cruciale rol in het bewaren en verspreiden van kennis. Moderne bibliotheken fungeren vooral als verzamelplaatsen van geschreven werken en bieden studieruimtes. Daarnaast delen ze kennis en informatie, faciliteren ze educatie, bevorderen ze lezen en literatuur, organiseren ze debatten en introduceren ze kunst en cultuur. Het zijn vaak sociaal-culturele marktplaatsen waar ontmoeting en kennisdeling worden gestimuleerd.
Jules Vernes ‘Twenty Thousand Leagues Under the Sea’ (’20.000 mijlen onder zee’) is slechts één boek uit het wereldwijde aanbod, maar het blijft sinds zijn verschijnen in 1871 de verbeelding van velen prikkelen, niet alleen bij lezers, maar ook bij wetenschappers en kunstenaars.
Het boek, dat de avonturen van Kapitein Nemo volgt terwijl hij met de onderzeeër de Nautilus de diepten van de oceanen verkent, vormde ook het beginpunt van de reis die de Duitse dirigent en componist Johannes Kalitze (1959) ondernam met zijn opera ‘Kapitän Nemos Bibliothek’, geïnspireerd door de gelijknamige roman uit 1993 van de Zweedse schrijver Per Olov Enquist (1934-2020). Het is een krachtige, poëtische vertelling rond de thema’s identiteit, kindertijd en fantasie.
Het verhaal speelt zich af in een Zweeds dorp waar twee jongens bij de geboorte zijn verwisseld. Voor de volwassenen is een gerechtelijke beslissing om de jongens terug te wisselen naar hun biologische families essentieel voor het herstellen van de orde volgens Gods plan. Voor de jongens, Ich en Johannes, begint hierdoor echter een zoektocht naar betekenis en verbinding. Ze worden geconfronteerd met gevoelens van eenzaamheid, angst, liefde en hoop. Hun vriendschap wordt op de proef gesteld door verschillende perspectieven op schuld en verantwoordelijkheid.
De plaats van handeling is een denkbeeldige bibliotheek in de Nautilus, een toevluchtsoord voor onderzoek en verbeelding. De opera combineert zang en poppentheater, waarbij invloeden van kinderliedjes en de muziek van J.S. Bach een belangrijke rol spelen.
De vocalisten in ‘Kapitän Nemos Bibliothek’ zijn Iurii Iushkevich als Ich, Johanna Zimmer als Johannes, Noa Frenkel als Josefina / Alfina, Reuben Willcox als Sven Hedmann / Pastor en Rinnat Moriah als Eva-Lisa, een pleegzuster in het ouderlijk huis van Johannes, op wie beide jongens verliefd worden. Daarnaast geeft het gerenommeerde Ensemble Modern acte de présence.
En dan is er de toevoeging van elementen uit de elektronische muziek, een integratie die bijdraagt aan de vormgeving van de fantasierijke en surrealistische kenmerken van het verhaal. Johannes Kalitzke creëert daarmee een wereld van geluiden die de beleving van de opera tot een meeslepende auditieve ervaring maakt, een muzikale rollercoaster. ‘Kapitän Nemos Bibliothek’ is zo een fascinerende, maar ook heftige klankomgeving geworden die de grens tussen werkelijkheid en fantasie doet vervagen, als in een droom. Of is het een nachtmerrie?
Johannes Kalitzke – Kapitän Nemos Bibliothek
Kairos, 2 CDs
“Verhalen zijn de lijm die het verleden verbindt met het heden” (Walter Benjamin, filosoof, 1892-1940)
Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen. Zo help je CCRyder doorgaan.
Met iDEAL kun je via de beveiligde omgeving van je eigen bank CCRyder waarderen.
“Eyes on the road and hands upon the wheel”