Ierse zanger Adrian Crowley verklaard voor dromers

De Ierse zanger Adrian Crowley brengt op zijn nieuwe album The Watchful Eye Of The Stars magische liedjes die de verbeelding prikkelen en de luisteraar meenemen op een reis die ieder op geheel eigen manier kan beleven.

Het is zijn negende en het lijkt wel of ieder album van Adrian Crowley een nieuw artistiek hoogtepunt is in zijn toch al indrukwekkend oeuvre.

De liedjes op ‘The Watchful Eye Of The Stars’ hebben een welhaast surrealistische kwaliteit. Adrian Crowley zegt dat de bijzondere verhalen vanzelf in de loop van de tijd bij hem opborrelden, tot ze min of meer volledig gevormd waren. Hij noemt het iets moois en mysterieus, en een manier om herinneringen vast te houden, al duurde het soms een tijdje voor hij ze, als tekstueel voltooid, vrij kon laten. “It’s taken me so long to write to you / Well I just couldn’t find a pen” – “Het nam veel tijd om je te schrijven / Ik kon gewoon geen pen vinden”, verontschuldigt hij zich in ‘Bread And Wine’. Voor Crowley ontwikkelt het creatieve proces zich organisch, het is geen actie die hij wil reguleren of controleren. “De liedjes bestrijken de bewuste en onderbewuste wereld en sommige zijn zelfs psychedelisch in mijn hoofd, maar voor mij zijn het tegelijkertijd allemaal waargebeurde verhalen”, laat hij in het persbericht bij het album weten.

Hij wordt wel een non-zanger genoemd, en inderdaad zegzingt hij met zijn warme, donkerbruine stemgeluid meer dan hij zingt. Maar in bijvoorbeeld een nummer als ‘I Still See You Among Strangers’ laat Adrian Crowley met fraaie kopstem horen ook als zanger naar de sterren te kunnen reiken.

‘The Watchful Eye Of The Stars’ is een album om bij weg te dromen. Muziek en songteksten laten de luisteraar op een andere, intensere manier naar de wereld kijken en tonen hoe zinrijk die is. Daarnaast ademen ze een tederheid die in tijden van sociale isolatie een grote troostende kracht is, zeg ik, als ik hem via een videoverbinding met Dublin, Ierland spreek.

“Dat is geweldig om te horen”, reageert hij. “De muziek kan dat, denk ik. Het is soms vreemd hoe liedjes en muziek mensen in een bepaalde tijd kunnen aangrijpen. Alleen heb ik het album geschreven en opgenomen vóór de pandemie. Mensen vragen mij vaak of bepaalde nummers over de lockdown gaan, maar ze zijn allemaal van daarvoor. Het is dus vreemd, maar goed om te horen dat het troost geeft. Dat is iets geweldigs.”

Adrian Crowley is geboren in Sliema op Malta, maar heeft weinig herinneringen aan het eiland. “Een van mijn tantes heeft onlangs wat volksmuziek uit Malta gestuurd. Ik weet er niet veel van, maar ik herinner me wel enkele cassettes die mijn moeder in huis had. Het is een deel van mijn muzikale achtergrond die ik niet echt diepgaand heb onderzocht. Ik was er een paar jaar geleden nog. Ik heb er nog steeds familie. Maar zelf heb ik er niet lang gewoond. Mijn familie is daar naar toe verhuisd vanuit West-Afrika (Crowley’s ouders ontmoetten elkaar in Afrika – CCE). Na mijn geboorte verhuisden we weer terug naar Afrika. En vervolgens kwam Ierland, toen ik nog maar een paar jaar oud was. Ik woon nu langer in Dublin dan waar dan ook voorheen, ook langer dan in Galway aan de westkust, waar ik opgroeide.”

Serge Gainsbourg

Adrian Crowley is sinds de jaren negentig in Dublin gevestigd, maar heeft ook enige tijd in Frankrijk gewoond. Dat laatste verklaart deels de persfoto bij zijn laatste album ‘The Watchful Eye Of The Stars’. Adrian is daar duidelijk in een Frans café. Echt interessant is de foto op de muur achter hem, van de Franse musicus, zanger en liedjesschrijver, auteur, filmmaker en acteur Serge Gainsbourg (1928-1991), door velen en dan met name collega-musici beschouwd als een van ‘s werelds meest invloedrijke populaire musici. Dat kan geen toeval zijn, toch, Adrian?

“En toch is het zo. Het ging niet om een foto voor een foto van Serge Gainsbourg. Alleen was dit de bar waar ik een paar keer per week heen ging toen ik in Parijs verbleef. Ik woonde bijna drie maanden in Parijs als artist in residence en in die tijd ontdekte ik deze bar, een soort bistro. Ik vond het een geweldige plek. Ik ging er vaak eten en nadenken en een kopje koffie drinken of gewoon wat lezen. De plek was buitengewoon sfeervol en vriendelijk. Ik leerde het personeel kennen en zei hen dat ik vond dat de plek zo’n ongelooflijke ziel had. Er hingen oude filmposters aan de muren en overal waren ansichtkaarten. De ober vertelde me dat Serge daar altijd speelde, voordat hij bekend was. Dus hadden ze daar een soort gedenkplek voor hem, met deze prachtige foto vol nicotinevlekken – hij hing er al heel lang. Een vriend van mij, Conor Horgan, verbleef op dat moment in Parijs in dezelfde residentie als waarin ik zat. Hij vroeg of hij wat foto’s met me mocht maken. Hij was bezig met het fotograferen van Ierse kunstenaars in Parijs. Ik suggereerde om naar de bar te gaan verderop in de straat. Of ik het niet erg vond dat Serge op de achtergrond te zien was? Nee, zeker niet. Ik vond het oké. Het betekende gewoon veel voor me om daar te zijn. Die bar was voor mij een magische plek.”

Behalve van de ziel van Serge Gainsbourg die nog altijd in Crowley’s favoriete bar in Parijs waart, houdt hij van zijn muziek.

“Hij was een geweldige componist, tekstschrijver en verhalenverteller. Ik heb niet al zijn platen, maar die ik heb, zijn me dierbaar. Zoals ‘Histoire de Melody Nelson’. De arrangementen op dat album zijn zo geweldig, dat ze me doen duizelen. Ze zijn zo mooi en zo filmisch. Het gesproken woord-aspect ervan wordt prachtig afgewisseld met de liedjes. Ik vind het een heel mooie plaat en het geluid van de bas en de orkestratie, alles is gewoon zo ongelooflijk. Er is een liedje over een kaartjesknipper in het station, en dat is een mooi, dramatisch en bijna grappig maar heel duister verhaal over een man die elke dag weer kaartjes knipt. En er is een zwarte grap aan het eind, waar hij denkt: Ik kan hier niet meer tegen. Ik ga een gat in mijn eigen hoofd knippen.”

We zijn het erover eens dat Serge Gainsbourg op muzikaal gebied zijn tijd vooruit was. Hij was een visionair. Zo werkte hij met Afrikaanse muziek, lang voordat het mode werd. Hetzelfde is van toepassing op de manier waarop hij dingen met gesproken woord deed.

Adrian knikt bevestigend: “Ja. En niet te vergeten de melodieën. Sommige daarvan doen denken aan Chopin. Er is een album genaamd ‘L’Homme à tête de chou’, dat heel vreemd en briljant is. Hij gaf niet echt om conventies, maar hij begreep schoonheid, menselijkheid. Ik heb nooit echt veel over zijn leven gelezen. Ik verzamel gewoon dingen uit het voorbijgaan.”

Er is een heel interessante biografische film over zijn leven, ‘A Heroic Life’, oorspronkelijke titel: ‘Gainsbourg (Vie héroïque)’, geschreven en geregisseerd door Joann Sfar.

“Ja. En die was semi-geanimeerd, is het niet?”

Klopt. Het meest opmerkelijke personage in de film is een geanimeerde overdrijving en alterego van Gainsbourg dat regelmatig opduikt als zijn geweten, maar ook anti-geweten.

“Die film liet echt zijn soort demonen en onzekerheden zien. Toen hij jonger was, vertelden mensen hem dat hij lelijk was. Mede daardoor was zijn gevoel voor eigenwaarde erg laag. Maar ik hou van hem. Echt waar.”

Soms denk ik dat lelijke mensen de mooiste mensen ter wereld zijn.

“Daar ben ik het helemaal mee eens.”

Zuurstof

Het gebeurt iedereen wel eens dat je in een song iets anders hoort dan er in werkelijkheid wordt gezongen, net zoals je iets in een tekst kunt lezen dat er niet staat. Het overkwam mij bij het luisteren naar het nieuwe album ‘The Watchful Eye Of The Stars’ van Adrian Crowley. De eerste keren dat ik het nummer ‘Underwater Song’, met een half oor, beluisterde meende ik te horen: “And I filled my love with oxygen.” Ik vond het een prachtige metafoor, zeker in het licht van de harde werkelijkheid in mijn tweede thuisstad Manaus in het Braziliaanse Amazonegebied, waar mensen tijdens de covid-19 pandemie wanhopig op zoek gingen naar flessen zuurstof voor hun geliefden die in de ziekenhuizen dreigden te stikken. En toen hoorde ik mijn vergissing. Adrian Crowley zingt hier duidelijk: “And I filled my lungs with oxygen.”

Hij glimlacht als ik het hem het verhaal vertel. Nee, hij vindt het niet erg als mensen iets anders horen dan hij zingt, als ze hun eigen interpretatie of impressie van zijn liedjes hebben.

“Ik vind het geweldig, want dat betekent dat de luisteraars het liedje omhelzen als iets dat ze kunnen bezitten, dat deel van hun leven kan zijn. Ze maken er iets van henzelf van. Ik vind het best magisch, dat woorden emoties oproepen bij de luisteraar. En zelfs als je later ontdekt, wanneer je de tekst leest, dat die uit andere woorden bestaat, dat maakt niet echt uit, er is gewoon iets met het lied dat je in je opneemt. Het hoeft niet allemaal zo beschrijvend, zo gedefinieerd te zijn. Ik vind het dus niet erg als iemand iets verkeerd heeft verstaan, een ander woord heeft gehoord. Ik vind het juist heel magisch als dat gebeurt.”

Hij noemt het, het magische gevoel dat door het hele album ‘The Watchful Eye Of The Stars’ speelt. Veel liedjes bevatten geen rechttoe rechtaan songteksten. Ze prikkelen de verbeelding en nemen de luisteraar in zekere zin mee op een reis die ieder op geheel eigen manier kan beleven.

“Ja, precies. Het roept iets uit jezelf op, denk ik. Wanneer een nummer voor mij klaar is, heb ik het gevoel dat het al een eigen leven heeft en het op een bepaalde manier uit mijn handen vliegt. Het leeft opeens en creëert een energie die omhoog springt en die energie kan verschillende dingen met de luisteraar doen. Ik vind het heel fascinerend wanneer het op die manier gaat leven, als een wezen op zichzelf.”

Naast een gevoel van magie speelt er melancholie op ‘The Watchful Eye Of The Stars’. En voor sommige mensen is dat precies wat goede muziek kenmerkt, dat er melancholie is.

“Ik kan het daar moeilijk mee oneens zijn. Alles waarvan ik hou heeft dat kenmerk. Ik vind het fijn als het er is. Maar ik probeer dat gevoel niet bewust te bereiken. Het is gewoon iets dat van nature gebeurt. Zelfs als ik besluit een grappig nummer te schrijven, zal er nog steeds een element van melancholie zijn. Het is als met mijn gezicht. Als ik poseer voor een foto en iemand zegt me, vooruit, lach eens, meen ik dat ik dat toch al deed.”

‘The Watchful Eye Of The Stars’ is geproduceerd door John Parish. Die werkte eerder met onder meer Aldous Harding en PJ Harvey. De basis van de tracks maakte Crowley in eerste instantie thuis met een mellotron en, opvallend, een kleine gitaar met nylonsnaren die hij vond in een liefdadigheidswinkeltje vlakbij zijn huis. “John wilde op die manier een deel van de magie van de eerste opname behouden”, zegt Crowley. Die eerste opnames waren beperkt tot een of twee opnames, waardoor ze, niet perfect en soms vaag omlijnd, voelden als een droom die bij het ontwaken wordt verteld. De tweedehands gitaar speelde in dat proces een belangrijke rol.

“Het is een erg goedkope, nylonsnarige gitaar, een kindermaat, maar hij heeft een soort ziel. Het instrument gaat al een tijdje mee en voelt heel mooi aan. Het is erg licht en handig, omdat het zo klein is. Ik kan het door het hele huis meenemen. Ik heb er liedjes op geschreven, en dat is best wel ironisch, omdat ik een prachtige handgemaakte gitaar heb van Indisch rozenhout. Die klinkt goed, maar neem ik niet mee naar de keuken of de tuin of het park. Ik heb die kleine gitaar bij de opnamen in een paar nummers gebruikt, zoals in ‘The Colours of the Night’. En ‘Northbound Stowaway’, dat schreef ik ook met die gitaar. Alleen, toen we dat nummer in de studio opnamen, had ik die gitaar niet bij me. Ik had hem in Dublin achtergelaten. Dus toen hebben we de gitaar van Johns vrouw gebruikt, die ook een driekwart gitaar met nylon snaren had, met eveneens een geruststellend geluid.”

Day Thirty Seven, I discover a seed
Hidden in the soul of my boot
It’s been there all along
So I break the seed in three
The first piece is my breakfast
The second I take for my supper
And the third…
Is my midnight feast
(Uit: ‘Northbound Stowaway’)

De eerste single afkomstig van ‘The Watchful Eye Of The Stars’, en het eerste nummer op het album, is het zinderende, tegen het eind meeslepend accelererende ‘Northbound Stowaway’, over iemand die zich verstopt in het vrachtruim van een schip, en zo over vreemde meridianen noordwaarts reist – “And we crossed strange meridians / In the light from the wheel house / With a trail of phosphorescence”. De tekst kan, zoals vaak bij Crowley, op meerdere manieren worden uitgelegd. Zo kan de verstekeling (‘Stowaway’) een vluchteling zijn, een reiziger, een zwerver, een zoeker.

“Ik zou graag willen zeggen dat het over hen allemaal gaat, omdat ik niet echt één specifiek personage in gedachten had, of reis. Het was erg spannend hoe dat nummer bij mij opkwam. Het arriveerde voor het eerst op een zaterdagochtend toen ik in de keuken zat. Mijn zoon kwam voorbij de deuropening, de trap op. Hij kon me zien en horen. En hij keek me aan en glimlachte en zei: ‘Ik denk dat dat een nieuw liedje is.’ Maar het duurde nog een paar weken voor alle verzen in mijn hoofd nestelden. Het is een mysterieus iets, hoe liedjes ontstaan. Deze tekst moet uit mijn onderbewustzijn zijn gekomen. Ik had eerder een fabel gehoord, en ik kan me niet herinneren hoe die precies ging, over een reiziger die een zaadje had en dat naar een nieuw land bracht. Dat zaad groeide uiteindelijk uit het lichaam van de reiziger uit tot een boom. Zoiets. Dat kan er mee te maken hebben, maar misschien ook niet. Maar in zekere zin voel ik dat het nu zijn eigen wezen is. En ik ben er net zo door gefascineerd als iemand die van mijn muziek houdt en dit nummer voor het eerst ontdekt.”

Wandelen

Is hijzelf een reiziger, of beter gezegd, een wandelaar?

“Ja. Ik loop veel. Ik hou van wandelen. Ik loop elke dag, zelfs al vóór de pandemie. Een paar jaar geleden was ik in New York. Op een dag ging ik wandelen met een van de andere musici. Hij was echt een sportman, die lange afstanden fietst en tien jaar jonger dan ik. We wandelden en ik voelde opwinding om daar te zijn. We liepen de hele dag en praatten, en toen, aan het einde van de dag werd hij stil en zei dat hij niet meer kon. Hoe deed ik dat, wilde hij weten, waarom was ik zelfs niet een beetje moe? We hadden, denk ik, acht blokken gelopen, van Manhattan naar Brooklyn en weer terug. Wandelen is zo’n opwindende ervaring. Het brengt zoveel teweeg. Als je in iemands gezelschap bent, komen er in de gesprekken allemaal ideeën naar boven. En als je alleen bent, haalt het dingen op uit je onderbewustzijn. Het is gewoon erg verrijkend.”

Kent hij de wandelboeken van de Britse schrijver Robert Macfarlane? Ik trek diens ‘The Old Ways’ uit de kast (het voordeel van een interview via videobellen).

“Ik heb stukken uit zijn werk gelezen. Hij fascineert mij, omdat hij woorden verzamelt. Hij koestert een mooie liefde voor omgangstaal, woorden uit bepaalde regio’s, niet alleen uit het land waar hij vandaan komt. Zo heeft hij onderzoek gedaan naar Ierse woorden en hun betekenis. Hij benadert woorden als een bedreigde diersoort of bloem. Hij heeft hetzelfde kijk op woorden als een botanicus.”

Als ik naar je album luister en dit boek van hem lees, de verhalen over zijn dwaaltochten over land en water, heb ik het gevoel dat ik min of meer eenzelfde soort wereld binnenga.

“Ik moet dat boek lezen. Het staat op mijn lijst: ‘The Old Ways’. En ja, dat kan ik begrijpen. Ik zou hem graag een keer ontmoeten. Hij maakt momenteel een plaat met een zeer goede artiest, Johnny Flynn (‘Lost In The Cedar Wood’ – CCE). Ze werken samen. Hij lijkt erg op Martin Shaw, de Britse folklorist en schrijver, die ik onlangs heb ontdekt via een goede vriend van mij. Robert en Martin, beiden zien de verborgen, magische geschiedenis recht onder hun neus. Alles waar ze over praten lijkt een verbinding te hebben met het leven van mensen, en niet alleen met mensen, maar met het leven en de geschiedenis van een plek, alles in een. En dat is nog maar één aspect dat ze lijken te onderzoeken. Ook de vreemdheid van de natuur en wat daar verloren is gegaan. Ik denk daarbij altijd aan verloren rituelen, of de schaduwen van rituelen uit het verleden die er nog steeds zijn. Je moet ze zoeken maar ze zijn er nog steeds, om ons heen. Daar hou ik van. Bedankt dat je me aan dat boek herinnert, want ik moet het absoluut lezen.”

I found a halfway room in a seaside town
I’ll stay here for a while
Through my window I can hear the ship bells ring
And I wake to the smell of the brine
The stray dogs here follow me around
They seem to know their kind
And I play the piano in a harbour bar
The pay me in bread and wine
(Uit: ‘Bread And Wine’)

Een opvallende regel uit ‘Bread And Wine’, de tweede single van het album, luidt: “The stray dogs here follow me around / They seem to know their kind.” Veel mensen vinden dat zwerfhonden gered moeten worden van wat zij zien als een ellendig bestaan. Voor een deel klopt dat. Maar niet altijd. In de eerder door mij genoemde Braziliaanse Amazonestad Manaus kom ik roedels van zwerfhonden tegen, die het prima lijken te doen en als groep een sterke homogene indruk maken. Ze zijn zeker niet zielig. Ze hoeven niet gered. Hun leven is dat van vrije wezens. Ze bemoeien zich niet met mensen en lijken in een eigen, parallelle wereld te leven.

Adrian knikt: “Niet alles hoeft te worden gebonden, eigendom van iemand te zijn. Ik denk dat er in dat nummer een element van de buitenstaander zit en hoe die niet kan worden gebonden aan de conventionele wereld van alledag. Maar ik weet het niet zeker, want ik hou er niet echt van om mijn liedjes te veel te analyseren. Maar de zwerfhonden als vrije, levende wezens. Ja, absoluut. Dat is voor mij heel relevant en interessant om te horen.”

Little bird of sunshine
I watch you on my window sill
Rescued from my nighttime
My visitor, my newfound friend
Little bit of golden, straight out of the blue
I wait for you to sing your sunny song
(Uit: ‘A Shut-in’s Lament’)

Vogels. Ze komen veelvuldig voor in zijn werk. Zo is er de troostbrenger “Little bird of sunshine” uit ‘A Shut-in’s Lament’. Het meest indrukwekkende voorbeeld is echter de kraai uit ‘Crow Song’.

“Of ik van vogels hou? Absoluut. Ik heb onlangs een nieuw geschreven stuk opgenomen. Het duurt ongeveer twintig minuten en er zitten veel vogels in. Het is een reflectie op het bestaan en het wonder van het leven. Ze lijken me steeds weer te vinden, wat grappig is, omdat ik niet bewust probeer over ze te schrijven, hen als motief te nemen. Maar soms komen de ideeën als een vogel naar me toe en vliegen naar beneden en landen op je tafel. Dit overkomt mij op veel manieren, en het overkomt mij letterlijk met vogels. Ik word opgewonden als ik ze hoor zingen. Een paar dagen geleden hoorde ik voor het eerst dit jaar een koekoek, en dat deed me aan zoveel dingen denken. Het is gewoon zo suggestief, heel erg hoopvol ook. Veel verschillende soorten vogels dragen deze inherente beelden met zich, als metaforen, tekenen voor iets, en dat boeit me echt. Niet alleen vogels. Ik zie dat in veel dingen, in alledaagse voorwerpen, in levenloze dingen.”

Zwarte kraai

De meest aansprekende vogel op ‘The Watchful Eye Of The Stars’ is met stip de zwarte kraai uit het bijna hymnische ‘Crow Song’. Op een stormachtige nacht in Ierland bracht Adrian Crowley’s broer een gewonde kraai mee naar huis. Nadat hij er een tijdje voor had gezorgd, vloog de kraai uit zichzelf weg en liet daarbij een diepe indruk achter. Crowley schreef er een verhaal over, dat later ‘Crow Song’ zou worden. De zwarte vogel wordt vaak in verband gebracht met sterven. Adrian Crowley schreef echter een lied over het leven, over een tweede kans krijgen, ook al eindigt het met de dood van de kraai.”

“Ik ben blij dat je dat zo ziet. Wat mij betreft is het geen morbide nummer. Zeker niet. Ik sprak onlangs met een paar mensen over het nummer en iemand zei me het te zien als een metafoor voor een geschenk dat het leven je geeft en waarvan je niet zeker weet hoe je ermee om moet gaan, maar dat het aan jou is om je best te doen ervoor te zorgen. Dat was een interessante gedachte. En toen zei mijn zus, dat herinnerde ze zich, dat het was gebaseerd op iets dat gebeurde toen zij een kind was. Het heeft dus een paar verschillende betekenisniveaus. En ja, het gaat over het leven.”

Adrian Crowley is niet de enige die de kraai als een metafoor voor leven opvoert. Een ander recent voorbeeld is Max Porters bejubelde debuutroman ‘Grief is The Thing with Feathers’, in het Nederlands vertaald als ‘Verdriet is Het Ding met Veren’. Daarin trekt een kraai zich het lot aan van een rouwend gezin en belooft bij hen te blijven tot ze hem niet meer nodig hebben.

Zoveel dichters en schrijvers, ook uit het verleden, voelen zich aangetrokken tot de kraai. Wat maakt het dier zo bijzonder?

“Misschien is het gewoon de manier waarop ze naar je kijken en dat je denkt dat ze zoveel weten en dat ze zo slim zijn. Ze zien er zo opvallend uit. Ze doen dingen die met taboes te maken hebben. Daar geven ze niet echt om. Ze kunnen ook vrees aanjagen. Maar ik vind ze ongelooflijk fascinerend en mooi. Als ik er een zie, blijf ik kijken, totdat hij weggaat. Het is ongelooflijk om er een van dichtbij te zien. Ik weet niet wat het is. Het is alsof ze metaforen lijken te hebben die van onder elke veer in hun verenkleed druipen. En ik denk dat het iets in het verleden is dat schrijvers gewoon niet konden negeren. Als ze in de buurt waren, moesten ze er wel door worden beïnvloed en hun werk doordrenken met deze verbazingwekkende vogels. Zeker weten.”

It was late October the next time I saw you
I was walking along the top of the fence

When I looked down and I saw the cluster of bones and black feathers
That lay among the rusty bracken
Solitary Crow with a cripple wing
And I looked to the sky
(Uit: ‘Crow Song’)

Eventuele samenwerkingen in de toekomst?

“Ik ben net klaar met het opnemen van een dubbelalbum met de poëzie van James Joyce omgezet in liedjes die ik heb gecomponeerd met een vriend van mij. Dat komt volgend jaar uit. Ik heb liedjes geschreven voor een project gebaseerd op de Ierse geschiedenis waarbij veel andere artiesten zijn betrokken, zoals Sean O’Hagan (The High Llamas, Microdisney, Stereolab – CCE) . Ik schrijf momenteel liedjes met een artiest die ik echt heel goed vind. Daar wil ik nu nog niets over zeggen. Stel dat het niet doorgaat. Ik heb liedjes met hem geschreven. Hij heeft me muziek gestuurd. Zodra het zeker is, stuur ik je een bericht en vertel erover.”

Adrian Crowley – The Watchful Eye Of The Stars
Foto’s Adrian Crowley © Conor Horgan

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen. Zo help je CCRyder doorgaan.

Met iDEAL kun je via de beveiligde omgeving van je eigen bank CCRyder waarderen.



Mijn waardering € -


“Eyes on the road and hands upon the wheel”